Jaarstukken 2018

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Gemeentefonds

Gemeentefonds

Voor de algemene uitkering uit het gemeentefonds, de belangrijkste inkomstenbron van de gemeente, geldt de zgn. “trap op/trap af systematiek”. Dat wil zeggen dat de hoogte van de uitkering fluctueert gekoppeld aan het niveau van de rijksuitgaven. De komende jaren is er een verwachting van economische groei met daaraan gekoppeld een hogere rijksbegroting waarin de intensiveringen van het kabinet Rutte III zijn verwerkt. De oplopende financiële effecten zijn verwerkt in de begroting 2019 en de meerjarenraming. Het risico bestaat dat de economische conjunctuur gaat dalen en/of de Rijksuitgaven gaan dalen. Indien er geen (structurele) ruimte in de gemeentelijke begroting aanwezig is, leidt dit tot bezuinigingen. Indien dit niet (tijdig) haalbaar is, bestaat het risico van een tekort. Over 2018 is inmiddels bekend dat de rijksuitgaven minder zijn dan begroot en ook nog lager zullen uitvallen dan reeds was ingeschat bij de opstelling van de septembercirculaire. Dit betekent dat de ontvangen uitkering over 2018 nog neerwaarts zal worden bijgesteld. Deze afrekening zal plaatsvinden in 2019 bij de meicirculaire. Deze zal bij de herziening van de raming over 2019 dan worden verwerkt. Uiteraard kunnen er ook andere factoren een rol spelen bij mutaties over de uitkering over 2019.

Gemeenten kunnen omzetbelasting die drukt op kosten voor overheidstaken declareren bij het btw-compensatiefonds (BCF). Vanaf 2015 is de omvang van de te declareren btw gemaximeerd. Als er in totaliteit meer wordt gedeclareerd dan het ingestelde plafond, dan wordt dit verschil gekort op het gemeentefonds, en worden alle gemeenten dus naar evenredigheid gekort op de algemene uitkering. Bij een realisatie lager dan het plafond komt het verschil ten gunste van het gemeentefonds. Mutaties worden in het volgende jaar verrekend via de circulaire en maakt daarmee onderdeel uit van de algehele berekening van de algemene uitkering. Totnogtoe is dat nog niet gebeurd.

Op basis van bovenstaande ontwikkelingen wordt de kans op een negatief effect ten opzichte van de geraamde uitkering in de meerjarenraming laag ingeschat.

Risicoprofiel

Maximale omvang

kans

2018 jaarrekening

€ 200.000

20%

2019 begroting

€ 200.000

10%